Reünie 1986

TWEEDE CHALMETFEEST
4 OCTOBER 1986



Voor het Tweede Chalmetfeest werd gekozen voor een datum wat later in het jaar: de goesting tot organiseren kwam samen met de lente... en dan is het te laat om nog vóór de zomer een feest op poten te zetten.

En terug werd het een voltreffer: 210 aanwezigen, een prettige sfeer, veel kinderen, goede ontspanning voor iedereen, kortom alles wat een goed feest nodig heeft.

De dagindeling was dezelfde als bij het eerste feest: aperitief kort voor de middag, dan aan tafel voor een uitgebreid diner, groepsfoto's in de namiddag en... terug bezoek uit Frankrijk. Niet alleen konden we een uitgebreide delegatie van de familie van Albert begroeten, we werden ook vereerd met het bezoek van Durand die voor deze keer ook zijn vrouwke Jacoba had meegebracht. Het bleek al gauw dat Jacoba niet meer zo goed hoorde:

Isabel    't Is opvallend dat Jacoba zo weinig zegt, hé Durand? Is dat normaal?

Durand    Gedomme, 't es waar, Jacoba zegt bot weinig vandaag. Ge zijt 't spreken toch niet verleerd van zolang in dienen put te liggen? Zeg toch ne keer iets?

Jacoba    Wat moet ik zeggen? Als ge mee nen Chalmet getrouwd zijt dan hedde niets te zeggen!

Ondertussen heeft ook in het stamboom-gebeuren de computer zijn intrede gedaan: Luc geeft uitleg over het stamboomprogramma en hoe iedereen een uitdraai kan krijgen van zijn (haar) eigen gegevens in de computer. Hij vertelt ook over zijn ervaringen met Chalmets in Frankrijk (géén familie, tenminste niet voor zover we nu weten).

Er werd ook een fotowedstrijd gehouden waarbij iedereen een formulier kreeg waarop elf oude foto's stonden van aanwezige Chalmets. De opdracht was de juiste naam bij de juiste foto te zetten. Voor de schiftingsvraag moest de lengte in mm geraden worden van de rij gevormd door alle linkervoeten van al deze personen: dat gaf natuurlijk nogal wat gelach in de zaal.

De oudst aanwezige Chalmet was voor de tweede maal Prudent, de jongste was Tine. Beiden werden met een kleine herinnering bedacht en op de dansvloer werd de schoonsten Chalmet gezocht: die eer viel te beurt aan Guido! We genoten ook van het optreden van een playback uitvoering van "J'aime la vie".

We kunnen tevreden terugblikken op dit feest: de formule is goed, moet nog licht bijgeschroefd worden, maar de gasten zijn 'content' en dat is toch het belangrijkste? We beginnen elkaar nu beter te kennen en te waarderen en daarom ging het toch allemaal? We zien al uit naar het derde feest!


Tekst Durand en Jacoba op tweede feest  op 4 october 1997

Jacoba en Durand komen op in klederdracht van eind 18e eeuw als gewone menskens

Durand    Allé, niet beschaamd zijn vrouwmens, meekomen, vooruit: 't is allemaal famielde van ons, ik weet het zeker. Ge zult verschieten als ge dat hier allemaal zult zien en horen. Ik heb het al allemaal eens gezien 5 jaar geleden!

Terwijl Durand al babbelend verder stapt loopt Isabel vlug naar de micro om hen te verwelkomen.

Isabel    Maar, maar, maar! Wat ben ik blij dat ge toch gekomen zijt! Kijkt mensen, dat is onze stamvader Durand, en is dit dan onze stammoeder Jacoba Van Hecke? Geeft ze maar eens een hartelijk applaus?

Durand    Ziededa nu moedere, 't heb 't gezegd hé dat we op het juiste adres waren! Ik heb het al die famielde beloofd da'k nod eens ging terugkomen maar dan mee de vrouwe! Ze moet da toch ook ne keer zien hé? Niet beschaamd zijn, hé moeder? Da mamselleken zal 't ons allemaal wel uitleggen.

Durand steeds luid roepend in het oor van Jacoba

Isabel    Zet ulder maar neer. En kijkt hier eens: dit hier, als ge daarin spreekt dan kan iedereen jullie goed horen! Dat is uitgevonden achter jullie tijd, dat is een micro.

Durand    Durand bluft ermee dat hij al een micro heeft gezien en roept luid, doch schrikt als hij het versterkte geluid hoort. Jacoba, doof, heeft toch ook wat extra geluid opgevangen en is wat bang.

Vrouwe, dat zijn nogal dingen, da's nogal een boel, hé? Zeg, hier zit nogal wat volk samen! Een beetjen meer als in ulderen café vroeger, hé? En da meisken, moeder, dat es 't zelfde als de vorige keer! En tot Isabel: Gij zijt vele gegroeid, kindeken!

Isabel    Maar ik heb ook goed nieuws: onze familie is ook gegroeid en we zijn hier nu wel met 210 en daarvan zijn er 16 die uit Frankrijk gekomen zijn! Daarom zijn we nu zo blij dat ge de moeite hebt genomen om met Jacoba naar ons feest te komen. Kijk, daar zit de Franse familie zie!

Durand    Ah, bonjour tout le monde! Je suis vraiment très heureux devous voir ici! Et comment ça va avec les flamands et vous? Ils sont gentils, n'est ce pas?
Moeder, zwaai ne keer, da es volk van Montjen afkomstig, die wilde niet in Winkel blijven bij al die boeremensen, hij trok naar Frankrijk terug!

Isabel    Jacoba lijkt zo zenuwachtig, Durand, moet ze niets eten of drinken?

Durand    Bah neens, we hebben ons boterhammekens mee veur onder de bane. En van dat modern drinken zal de vrouwe nie proeven: ze es gewoon an scheewei te drinken van de koe. Maar ja, koeien hebben we ook al nie meer zien staan als we naar hier kwamen... Hé, vrouwmens, 't es veel veranderd in Winkel. En ulderen café vond ik ook niet meer terug, en dedju, de bolbane es ook weg!

Isabel    Ja, 't is hier natuurlijk veel veranderd, koeien brengen niet veel meer op en nu hebben we hier een staalfabriek Sidmar. En Durand, vroeger gingt gij de scharen gaan slijpen van deur tot deur, nu smijten de mensen hun schaar weg als ze niet meer snijdt en kopen ze een andere!

Durand    Nen boel hé, vrouwmens, al wel dat ge het niet te goed hoort. Ze heeft altijd last gehad aan heur oren en heur zenuwen, hé moeder? (Jacoba kijkt afwezig) Bestaat mijn vrouw haar geboortedorp dan niet meer?

Isabel    Iedereen is bijna weg in de Knippegroen, de huizen staan grotendeels leeg maar Georges en Albert wonen daar nog, en ze zullen ze uit hun huis moeten sleuren denk ik: Winkel boven alles! Die zullen nooit verhuizen!

Durand    Kennen wij die ook? Zijnder da van de famielde?

Isabel    Natuurlijk, ze zijn getrouwd met een Chalmet! Stelt u daar eens recht?

Durand    Moeder, ook braaf volk, hoorde da? Ze willen daar niet weg! (Jacoba kijkt in de zaal)

Isabel    Maar Durand, ge zijt niet in uw schoon soldatenkostuum gelijk vijf jaar geleden? Was 't kostuum te klein geworden?

Durand    Meisken, hoor ne keer hier, achter da 'k hier mijn schone famielde had teruggezien was ik zo hovaardig geworden, -ge zijt nen Chalmet of ge zijt het niet hé?-, en mijnen nekke begon zodanig te zwellen en de knopkes sprongen van mijn hemde! Daarbij, (nu tot moeder roepend) ze vinden het spijtig dat ik mijn uniform niet aanheb. Maar mamzelleken, zijn we nu nie schone? Da's echte winkelse klederdracht: zo game wij 's zondags naar de misse zulle! (tot Jacoba) Verstade mij vrouwe?

Isabel    't Is opvallend dat Jacoba zo weinig zegt, hé Durand? Is dat normaal?

Durand    Gedomme, 't es waar, Jacoba zegt bot weinig vandaag. Ge zijt 't spreken toch niet verleerd van zolang in dienen put te liggen? Zeg toch ne keer iets?

Jacoba    Wat moet ik zeggen? Als ge mee nen Chalmet getrouwd zijt dan hedde toch niets te zeggen!

Durand    O mijn lotjen, gelukkig dage de stemme nie kwijt zijt! (tot het publiek) Als ik vroeger ne keer bleef hangen en 'k kwamme wa scheef geladen thuis dan kost ik heur nie doen zwijgen!!! (tot Jacoba) Héwel, wa vinde nou van da volk van onzen Ludovic en onzen Livien?

Jacoba    Allemaal schoon volk, Durand, en goed gekleed hé? Daar zitten veel schone menschen tusschen.

Isabel    Ja maar, Jacoba, dat volk waar gij naar wijst dat zijn geen Chalmets zulle, dat zijn aangetrouwde. Dààr zitten Chalmets, met die vol gekleurde kaartjes.

Jacoba    (kijkt naar de echte Chalmets en zegt troostend) Ze zien der ook niet slecht uit hé, da zijn dan die wat rostachtige blonde, mee ulder haar wa weg op ulder veurhoofd van te vele te peizen. Effenaf schone menschen! En 't zijn geen botte grote.

Durand    Uffra, es Mauriceken hier ook die dienen stamboom opgesteld heeft? Kijk vrouwe, 'k zal hem ne keer tonen. Dienen mens heeft dat allemaal opgezocht hoevele dat er van ons zijn voortgekomen. Waar zit hij nu? Toont u maar ne keer want Jacoba wilt u ook ne keer zien.

Jacoba    't Es nog nen jongen mensch... Zo nen schonen kop haar en nog niets grijs hé?

Durand    Mauriceken ziet er echt nog goed uit. Hij zal 't hij een gemakkelijk vrouw gehad hebben  jong.

Jacoba    Maar Durand, dat is een vriendelijk meisken. Kende gij die?

Durand    Maar vrouwmens, ik heb u toch verteld van dienen burgemeester die we nog in onze famielde gehad hebben? Héwel, dat is daar een kleinkind van! En hoe is 't  met Bomma? Leeft die nog altijd, meisken?

Isabel    Ja Durand, en nog goed gezond hoor! Maar in ons familie zijn alle beroepen vertegenwoordigd: er zijn er bij die vooruitgekomen zijn door te werken met de handen en anderen kwamen vooruit mee studeren en veel te peinzen. We hebben boeren en mulders, garagisten, typisten en artisten, apothekers, ingenieurs en schooljuffrouwen, en dan nog veel gepensioneerden die er goed van leven en veel jonge mensen die goed studeren!

Jacoba    Daar moet ik op luisteren, en wij die zulke gewone menschen waren! Durand, 't es dus allemaal chiek volk geworden hé? Goe gekleed en goe geschoren. Maar die met die baarden, die zien der uit gelijk dat er geen coiffeurs nie meer zijn in Winkel!

Isabel    Dat is de mode Jacoba. En kijk eens naar 't jong volk, dat belooft ook voor de toekomst hé? De kinders zijn toch ook wel veel veranderd?

Durand    Zoude peizen dat de jongens niet meer luisteren als vader op 't tafel klopt: zo en niet anders!

Jacoba    Nie zo brutaal baas, ik wete da ge nie zo zijt. Ik ken ou goeie kanten, Chalmets menen al da lawijt zo niet. Ik moet ik van die nieuwe mode allemaal niets horen: onze tijd was ook niet slecht. Hé baas, wij hebben veur onzen boterham met smout moeten wroeten, en 's zondags hadden we pielekenssausse en we waren wij ook kontent! Zoen ze nou nog kunnen kontent zijn met zo weinig?

Durand    In als ons armoe waren wij toch gelukkig hé? 's Avonds telden we de jongens of we der nog twaalf hadden en we kropen in onzen beddbak op het voutekamerken.

Jacoba    En in 't bedde kroopt ge dichte bij mij en wij vergaten ons miserie, want we zagen mekaar geiren.

Durand    Zwijg vrouwmens, ge gaat hiet toch niet uit 't bedde klappen zeker? Dat gaat ons nageslacht niet aan.

Isabel    Jaja, en let maar op, tegenwoordig komt alles rap in de gazette: 't is te hopen dat ze er nu ook gaan inzetten dat het hier zo gezellig is!

Durand    Is dienen oudsten Chalmet hier ook nog?

Isabel    Ja, Prudent is hier inderdaad nog, hij is nu 86 jaar en zijn vrouwke Alice ziet er ook nog goed uit. Zwaai eens?

Durand    Prudent jongen, laat ou nie kloppen! Als ge den oudsten blijft es 't er geen vuiltjen aan de lucht! Op tijd nen druppel en laat ou deur Liesken maar goed vertroetelen.

Jacoba    Chalmets zijn een taaie soorte: nen gezonden stam van thuis uit. Altijd gezond eten gehad van uit den hof. En gezonden buitenlucht, in de kleinte vooral vele slapen, dan kunnen ze later beter tegen 't lang opblijven. Want Chalmets kunnen moeilijk naar huis: altijd maar klappen en uitleggen, en dan thuis ulder plan trekken. En de vrouwe wijsmaken dat er achter ulder nog veel volk zat in 't café!

Isabel    Durand en Jacoba, kijk daar eens, dat is vandaag de jongst aanwezige Chalmet. Dat is Tineke, ze is de dochter van Luc en Lieve, ze is 't vierde dochtertje!

Jacoba    't Is te hopen dat er nog wat jongens bijkomen: dat is goed voor 't nageslacht. En 't vrouwka moet niet treuren: der komen der bij zonder da ge 't weet! Hé Durand, wij kregen er ook twaalve gelijk niets. Jaja, de kinders kwamen rapper dan 't geld. Mens, dat was toch een panne patatten iedere keer! En vier keer in de weke een bakte brood!

Isabel    Maar Jacoba, ge zijt zo lang getrouwd geweest met een Chalmet, hoe was dat nu eigenlijk alle dagen opnieuw met hem moeten leven?

Durand    Vrie goed, mamzelle! Hé Jacoba?

Jacoba    Voilà, hij heeft het weeral gezegd! Zo was 't altijd! Maar ik liet hem baas spelen en ik gebaarde altijd dat ik luisterde. Maar werken kost hij, werken om vooruit te komen. En als 't hij wat teveel commandeerde, dan gebaarde 'k da 'k nie goe hoorde.

Isabel    En wat zegt de aangetrouwde kant daarvan in de zaal? Heeft Jacoba gelijk?

Durand    Meisken, de Chalmets moeten het hier zeggen, 't es ulder feeste! Jacoba, ge komt er in geloof ik? Ge moet hier aan die aangetrouwde niet te veel vertellen over de Chalmets: laat ulder da liever zelf ondervinden!

Isabel    Jacoba en Durand, we zijn zo blij dat ge vandaag gekomen zijt. We hopen dat ge u niet te veel vermoeid hebt, en Durand jongen, zien we u nog eens terug?

Durand    Nee, mamzelle, 't zal nou al wel zijn hé? Blijf gulder maar tope komen om de vijf jaar, da zoe 'k echt geiren willen! Gij ook hé moeder?

Jacoba    Ja vaneigens. Samenkomen gelijk nu met zo'n schone famielde! Durand, help mij ne keer? We game voorts zeker?

Durand    Ja vrouwe, kom, en nog allemaal een goeie feeste! En vergeet ulder stamouders nooit!